De Mediterrane Wereld
De minor ‘de Mediterrane Wereld’ is een opleidingsgebonden minor van 30 ECTS verspreid over de drie jaar van de bachelor periode. De minor is opgedeeld in drie vakken, elk van 10 ECTS en wordt in het tweede semester van elk studiejaar gegeven.
In het eerste jaar begin je met het vak ‘Inleiding in de Mediterrane geschiedenis’. Dit vak bestaat uit een hoor- en werkcollege (4 uur p/w). In de hoorcolleges wordt een inleiding op de geschiedenis van het Mediterrane gebied gegeven waarin de interactie tussen mensen, goederen en ideeën door middel van de Middellandse Zee centraal staan. Het vak wordt door een divers scala van docenten oudheid, middeleeuwen en vroegmodern gegeven en zo zullen waarschijnlijk de heren van Nijf, Drijvers, de Boer en de dames Santing en Williams tijdens de hoorcolleges een chronologisch overzicht geven van de vroege oudheid tot en met de vroeg moderne periode. Lekker afwisselend dus. Zij weten het ware ‘Club Med’ zoals zij het vak liefelijk noemen en het bijbehorende vakantiegevoel dat je daar bij krijgt aan je over te brengen door hun enthousiasme.
Lang was de Middellandse Zee het middelpunt van de wereld en scheidde het verschillende volkeren, met hun verschillende ideeën van elkaar. In dit college zal worden beargumenteerd hoe deze Zee van de Vroege Bronstijd tot de late Vroeg modernetijd het instrument was voor de mobiliteit en interactie tussen de verschillende volkeren. Het vak is met name interessant omdat de nadruk niet, zoals velen verwachtten, op de tradionele Grieks/Romeinse oudheid ligt, maar dat daarnaast de hele Mediterrane Wereld aan bod komt: dus ook de positie van Noord Afrika en de Arabisch islamitische landen aan de oostzijde van de Middellandse Zee. In de werkcolleges werk je aan de hand van een prachtig dik boek met heel veel mooie plaatjes (David Abulafia’s - The Mediterranean in History) en verschillende literaire teksten en kunstvoorwerpen telkens een specifiek thema uit. Uit mijn eigen ervaring werd er tijdens de werkcolleges flink gediscussieerd en werd bronnenkritiek ‘eindelijk leuk’. Voorzover het woord eindelijk gepast is in je eerste studiejaar… Daarnaast wordt er flink aandacht besteed aan het werk van grote namen als Braudel, Pirenne, Burckhardt en Saïd en die in je verdere studie zeker nog zult tegenkomen. Ik vond dit college, en mijn medestudenten waren ook allen enthousiast, het leukste college dat ik tijdens mijn eerste jaar heb gevolgd! Het is een prachtige inleiding waarin je veel nieuwe kennis op zult doen en je als jonge nieuwsgierige geschiedenisstudent zeker bevrediging in deze stof zult vinden. Met name het brede karakter van het vak maakt het voor een eerstejaarsvak ontzettend leuk en veelzijdig. Je komt veel te weten over de politiek, cultuur en economie van verschillende landen en culturen over een periode van oudheid tot de vroegmoderne periode en waarin de Middellandse zee dat zooitje bij elkaar zou moeten houden. Zomaar een greep uit mijn aantekeningen leverden de volgende termen op: landschapsklimaat, regio’s binnen de Middellandse Zee, Zeeën binnen de Middellandse Zee, interactie, Braudel, longue duree, Griekse kolonisatie, Phoeniciers, poleissamenleving, Perzische oorlogen, connectiviteit in de Aegeische Zee, Delisch Attische Zeebond, Emporia (handelshavens), Rome, Alexander de Grote, het Perzische Rijk, Punische oorlogen, economische rol van Alexandrië oftwel de “Queen of the Mediterranean”, het Byzantijnse rijk, Constantijn de Grote, Justinianus, iconoclasme, Sassaniden rijk, opkomst van Arabische wereld, Oosten, oriëntalisme, Edward Said, al-Andalus, conviventia, kruistochten, Italiaanse stadstaten, Sultan Mehmed en Italië, Burckhardt, humanisme en renaissance, handelsbetrekkingen tussen Arabieren en Italianen, Barbarijse zeerovers, slavernij, opkomst Europese grootmachten en neergang van de Middellandse Zeegebied, Grand Tour. Genoeg om een paar weken mee te vullen dus…Het vak sluit je af met een schriftelijk tentamen.
In het tweede jaar volg je het vak Mediterrane Wereld II. Het bestaat uit een werkcollege (2 uur p/w). Natuurlijk blijft het zelfde thema: ‘mobiliteit van mensen en ideeën over de Middellandse Zee’ centraal staan. In dit tweedejaarsvak staan de oost-west verhoudingen centraal. In groepjes van 3 à 4 studenten zul je een rond een gezamenlijk thema, afzonderlijk een essay schrijven. Tijdens de colleges probeer je stapsgewijs naar een essay toe te werken door elke week een korte rapportage van je voortgang in de literatuur te presenteren. Hoofdthema’s waren in mijn jaar ‘Oost-Westconflicten’, ‘pelgrimages’, ‘cartografie en etnografie’, ‘handel en materiële cultuur’ en ‘reisverhalen / reisliteratuur’. Binnen deze thema’s waren wij vrij een eigen onderwerp en probleemstelling te kiezen. Denk aan onderwerpen als de verspreiding van de islam in de 7e eeuw, de Hajj (pelgrimage naar Mekka), de etnografische aspecten in de werken van Herodotus, oriëntalisme in de Romeinse periode, relieken, slavernij onder de Barbarijse zeerovers, Grand Tour en noem zo nog maar wat voorbeelden op. Je eindcijfer is een gewogen gemiddelde van de prestaties van de wekelijkse opdrachten en presentaties en het eindwerkstuk. In dit college zal wat je opsteekt meer afhangen van je eigen onderzoek en van het onderzoek van je medestudenten en zul je integenstelling tot het eerste jaar minder moois zomaar voorgeschoteld krijgen.
In het derde jaar volg je het vak de Mediterane Wereld III. Helaas kan ik hier nog maar weinig tot niets over zeggen aangezien ik het zelf nog moet volgen. Het zal uit alleen een werkcollege (2 uur p/w) bestaan en becijferd worden op schriftelijke opdrachten, een essay en een presentatie. Ocasys zegt het volgende hierover: “De Mediterrane wereld III, politieke en culturele transfer in de Mediterrane wereld. Rond de Middellandse Zee treffen we een grote verscheidenheid aan volkeren, tradities en religies. Ondanks – of dankzij – de verschillen waren er altijd levendige contacten, van handel en vredige uitwisseling tot kaapvaart en plundertochten. Wij kijken in dit college naar de vormgeving van onderlinge contacten in perioden waarin machts¬verhoudingen gingen schuiven: de Hellenistisch-Romeinse periode waarin Rome geleidelijk de leidende macht in de Middellandse Zee werd, en de laat-Middeleeuwse en vroegmoderne fase toen Byzantium wegviel en de groeiende machten van de Spaanse Habsburgers en de Osmanen in de Middellandse Zee een nieuw evenwicht vonden. Welke formele diplomatieke relaties, vormen van begroeting en onderhandeling, werden gehanteerd? Wat waren de doelen en de middelen van diplomatie? Konden diplomatieke middelen verschillen in cultuur en religie effectief overbruggen? Diplomatie was in deze perioden echter nog lang geen uitgekristalliseerd systeem van conventies en afspraken. Hoe verliep de wisselwerking tussen het geregelde diplomatieke verkeer en het individuele optreden van talloze handelaars, pelgrims, reizigers en andere tussenpersonen? Tussen deze twee werelden bestond een schemergebied waarin de rolverdeling open lag: diplomaten konden zich vermommen als kooplieden terwijl anderen juist tijdelijk de rol van diplomaat waarnamen. Trefwoorden: politieke en culturele transfer, ‘new diplomacy’, brokerage, rituelen, handel en uitwisseling.”
Ik ben zelf, en voor zover ik weet zijn mijn medestudenten het met mij eens, zeer tevreden geweest met mijn keuze voor deze minor. Zeker het eerste jaar is ontzettend interessant en geeft je in tegenstelling tot de standaard 1e jaars vakken een verfrissend diachronaal beeld van de interactie en mobiliteit die zich in een bepaalde regio, in dit geval de Mediterrane Wereld, wat lange tijd dacht ‘de Wereld’ te zijn, heeft afgespeeld. Het enthousiasme van de verschillende docenten is daarnaast aanstekelijk. Wil je nog meer weten over dit vak? Volg het gewoon!
Florine Weekenstroo